
De meesten van ons hebben weer hun stem uitgebracht. Er is een vakje roodgekleurd. Want in een democratie kiest het volk hun vertegenwoordigers. Maar hebben ze hiermee invloed op het toekomstig beleid? Zou dat niet anders kunnen?
Als je iemand vraag “waarop ga je stemmen?”, krijg je meestal als antwoord, als men het al wil zeggen, de naam van een politieke partij. Soms wordt de naam van een persoon genoemd. Als je wat dieper doorgaat en vraagt naar het waarom van de keuze, wordt er weinig inhoudelijk over het partijprogramma gezegd. Meestal komt er niet meer uit dan “die wil in ieder geval de migranteninstroom stoppen”, “daar gaan ze wat aan de uitkeringen doen” en dergelijke. Ook worden vaak de uitglijders genoemd die de pers gehaald hebben. Zaken als de artikel 23 discussie of de kerels die het wel leuk vinden om met Prinses Amalia in dienst te gaan, hebben meer negatieve impact dan weldoorwrochte regeringsplannen positieve impact kunnen hebben.
Uiteindelijk kiezen de meesten van ons voor de komende periode voor een partij, gebaseerd op het image van de woordvoerder van die partij. Men kiest dus voor een poppetje. Na de verkiezingen gaan de poppetjes met elkaar onderhandelen. Kijken wie het meeste water bij de wijn wil doen om zo toch op het pluche terecht te komen voor de volgende periode waarvan de lengte ervan steeds korter lijkt te worden. Vele maanden na de verkiezingen komt er een regeerakkoord uit dat de coalitie uit denkt te gaan voeren. Welke invloed hebben de kiezers, het volk, dan gehad op het komende beleid?
Waardevol gedachtespinsel
Wat als we het eens helemaal om gooien? Is er een systeem denkbaar waarbij gestart wordt met het maken van een aantal, zo’n vijf, mogelijke beleidsplannen. In die mogelijke beleidsplannen zijn opgenomen de pakketten met maatregelen die het bereiken van de erin geformuleerde doelen mogelijk maken. Alle politieke partijen kunnen meepraten over de samenstelling van die beleidsplannen. Ook zullen specialisten ingezet worden om bepaalde onderwerpen van de nodige achtergrondinformatie te voorzien. Deze beleidsplannen moeten voor een vastgestelde datum afgerond zijn. Dan moeten partijen zich conformeren (of niet natuurlijk) aan één of enkele van die pakketten. Bij de verkiezingen stemmen stemgerechtigden dan niet op een poppetje of op een partij, maar op één van de samengestelde pakketten. Hebben we ook meteen kleinere stembiljetten. Je kiest dus voor het beleid van de komende jaren. Het pakket met de meeste stemmen wordt het beleid. De partijen die zich hiermee verbonden hebben, krijgen de taak dat beleid uit te voeren. Geen maandenlange coalitiegesprekken meer en het volk heeft rechtstreeks invloed op het beleid.
Dit gaat ver. Het is out of the box. Maar behandel het niet als een proefballon. Reageer niet meteen met “wat een onzin” omdat het wat verderaf staat van wat wij gewend zijn. Probeer er eens constructief over na te denken of en hoe een dergelijk concept werkelijkheid kan worden.